Robert De Niro speelt de rol van de voormalige politieagent Pete. Hij krijgt opnieuw te maken met het grimmige verleden wanneer zijn vervreemde zoon Tom (Adam Scott) hem benadert. De aanleiding is ronduit alarmerend: Tom’s zoon Jake (Acston Luca Porto) wordt ontvoerd door een seriemoordenaar die bekendstaat als The Whisper Man. Voor Pete is dit niet zomaar een nieuwe zaak; het raakt direct aan gebeurtenissen die zich al tientallen jaren geleden afspeelden.
Pete heeft namelijk precies deze moordenaar destijds gevangen genomen. De seriemoordenaar bleek toen de dader te zijn—of toch in elk geval wat Pete dacht. Sindsdien zit Pete vast in de gevolgen van zijn verleden. Hij heeft sindsdien al die jaren in de gevangenis doorgebracht. Dat maakt de situatie dubbel zo ingewikkeld: niet alleen staat Jake op het spel, ook komt er een vraag boven die zowel moreel als emotioneel zwaar weegt.
Want als de Whisper Man destijds echt is gepakt, hoe kan er dan nu opnieuw sprake zijn van ontvoeringen en gruwelijke misdaden? De centrale spanning van het verhaal draait daarom om een raadselachtige kern: is het werkelijk Pete die opnieuw verantwoordelijk is voor deze afschuwelijke misdaden—of is het iemand anders die onder een masker dezelfde verschrikkingen veroorzaakt?
Terwijl Tom probeert zijn eigen verdriet en paniek een plek te geven, wordt Pete gedwongen tot een zoektocht die verder gaat dan alleen het redden van zijn kleinzoon. Hij zal moeten achterhalen wat er echt aan de hand is: heeft iemand de zaak verdraaid, is er sprake van een kopieer- of complotcontext, of is er iets misgegaan in het verleden waar niemand toen openlijk over durfde te praten? Iedere stap lijkt Pete dichter bij antwoorden te brengen, maar tegelijk ook dichter bij de mogelijkheid dat hij misschien meer weet dan hij wil toegeven.
Uiteindelijk wordt duidelijk dat “gerechtigheid” in dit verhaal niet zo eenvoudig is. Het is een kwestie van waarheid boven schuld, en van uitzoeken wie er echt achter het duister zit—en waarom.






